Unité 38: Frans naar Nederlands

© Guy Van Lysebetten

Vul de lege vakken in. Druk dan op "Antwoorden controleren" om je antwoorden te controleren.
Gebruik de "Hints"-knop om een extra letter te krijgen. Hierdoor verlies je wel punten.

un agent (de police) =
un appareil =
une carte postale =
le chocolat =
un gâteau =
une glace =
la chance =
Tu as de la chance. = Je hebt .
envoyer =
quitter =
rouler =
tourner =
autour de la ferme = de boerderij
J'ai travaillé hier. = Ik heb gewerkt.
Luc chante mal. = Luc zingt .
un (auto)car =
un (auto)bus =
en bus =
un bateau =
cher - chère =
grave =